In het arbeidsrecht komt het nogal eens voor dat een werknemer die onder werktijd steelt op staande voet wordt ontslagen en de werkgever bovendien aangifte doet tegen de werknemer. In dergelijke situaties komt het nogal eens voor dat de werknemer in twee verschillende procedures beland, een strafrechtelijke en een civielrechtelijke. Het bijzondere is dat beide procedures over dezelfde feiten nogal eens afwijkende uitkomsten hebben.
Een goed voorbeeld van voornoemde situatie werd deze maand behandeld bij de Hoge Raad. In deze kwestie werd een werknemer die op Schiphol als bagage/platformmedewerker werkte op staande voet ontslagen wegens ‘diefstal uit bagage en postzakken’. Uiteindelijk werd in hoger beroep de werknemer door de strafrechter vrijgesproken van diefstal. In de civiele procedure oordeelde het Gerechtshof uiteindelijk dat ondanks deze strafrechtelijke vrijspraak en het gegeven dat de werknemer door de werkgever was ontslagen wegens “diefstal” het ontslag op staande voet toch in stand bleef.
Alhoewel uit het verzamelde bewijs in beide zaken duidelijk was dat de werknemer in strijd met de bij de werkgever geldende regelingen bagage en postzakken had meegenomen naar een donkere en afgelegen plek en ook heeft doorzocht, was onduidelijk gebleven of de werknemer ook daadwerkelijk zaken tot zich had genomen. Hierdoor kon uiteindelijk strafrechtelijk niet vast komen te staan dat de werknemer daadwerkelijk iets had gestolen. Civielrechtelijk oordeelde het gerechtshof echter dat hoewel de ontslagreden, namelijk de diefstal, niet geheel bewezen kon worden. In ieder geval wel bewezen kan worden dat de werknemer de zaken naar een donkere afgelegen plek had gebracht en hier had doorzocht. Voorts was ook duidelijk dat werknemer wist dat dit niet mocht en gezien zijn functie, bagagemedewerker/platformmedewerker hij het vertrouwen van de werkgever door zijn handelen dusdanig had beschaamd dat een ontslag op staande voet een passende maatregel was. De Hoge Raad laat uiteindelijk dit oordeel van het Gerechtshof in stand. En zo kan het dus gebeuren dat een werknemer op basis van dezelfde feiten strafrechtelijk wordt vrijgesproken, maar civielrechtelijk toch wordt gestraft door een ontslag op staande voet.
Mocht u naar aanleiding van dit bericht nog vragen hebben aarzel niet om contact op te nemen met één van de advocaten van Spoor & Hoekman c.s.